Tip voor het fotograferen > De herfstkleuren fotograferen

    Niveau: Beginner

    LES 16De herfstkleuren fotograferen

    Brandpuntsafstand: 85mm (35mm-equivalent), f-stop: 3,2, sluitertijd: 1/800 seconden

    Waarom probeer je niet wat opnametechnieken om de schoonheid van bomen met hun gele en rode kleuren vast te leggen? Stel bij het fotograferen van herfstkleuren de camera in op de A-modus zodat je het diafragmakunt aanpassen. Over het algemeen geldt dat je bij het scherpstellen op de gehele scène het diafragma kleiner maakt en bij nadruk op de close-up van een blad of tak het diafragma zo ver mogelijk opent.

    Bepaal de richting van het licht

    Laten we eerst kijken hoe je van licht kunt profiteren voordat je de camera instelt. Wanneer je herfstkleuren fotografeert, hangt het resultaat erg af van de richting van het licht, de tijd van de dag en het weer.
    Op een heldere dag kan de richting van licht in algemene zin worden onderverdeeld als frontaal licht, zijlichten tegenlicht.

    Frontaal licht

    Frontaal licht verlicht de voorkant van het onderwerp vanuit de camera gezien. Met frontaal licht kun je kleurrijke foto's maken die er net zo natuurlijk uitzien als jij de scène ziet. Zonder schaduw levert het licht echter vaak een gewoon plaatje op zonder diepte.

    Opnamen maken met frontaal licht.
    Brandpuntsafstand: 35mm, f-stop: 10,0, sluitertijd: 1/50 seconden

    Zijlicht

    Zijlicht verlicht het onderwerp van de zijkant. Fotograferen met zijlicht brengt de schaduw in bomen in beeld en geeft diepte aan een landschap. Als je in het schemer fotografeert, probeer een scène dan eens met zijlicht vast te leggen.

    Opnamen maken met zijlicht.
    Brandpuntsafstand: 200mm, f-stop: 8,0, sluitertijd: 1/60 seconden

    Tegenlicht

    Tegenlicht verlicht het onderwerp van de achterkant. Wanneer tegenlicht door de bladeren heen schijnt, zie je ook de rijke kleuren die op foto's lijken te schitteren. Het verschil in contrast bij een onderwerp dat van achteren wordt belicht in vergelijking met een donkere achtergrond zorgt voor een dramatisch effect, dus maak goed gebruik van tegenlicht.
    Bij tegenlicht kunnen het beeldcontrast en de beeldverzadiging afnemen als zonlicht rechtstreeks in de lens terechtkomt. Pas in dat geval de hoek van de camera aan het zonlicht of de bladeren aan zodat het zonlicht niet direct op de lens valt. Daarnaast maakt krachtig licht in de richting van de lens het onderwerp vaak donker. Als het onderwerp er donker uitziet of niet zo levendig als je had verwacht, pas de belichtingscompensatie dan in de richting van + aan om dezelfde helderheid te bereiken die je met het blote oog ziet.

    Opnamen maken met tegenlicht.
    Brandpuntsafstand: 11mm, f-stop: 14,0, sluitertijd: 1/30 seconden

    Wanneer tegenlicht direct op de lens valt

    Gebruik deze techniek voor opnamen met verschillende soorten licht en houd hierbij rekening met de positie van de camera ten opzichte van de zon.
    Trek niet alleen op zonnige dagen eropuit om herfstbladeren te fotograferen. Ook op bewolkte en regenachtige dagen kun je fraaie beelden vastleggen. Op een bewolkte dag zijn de kleuren weliswaar minder levendig dan wanneer de zon schijnt, maar de hele scène krijgt dan een zacht licht en straalt een zekere kalmte zonder ongewenste schaduwen uit.

    Opname op bewolkte dag.

    Opname op regenachtige dag. Brandpuntsafstand: 115mm, f-stop: 11,0, sluitertijd: 1 seconde.

    Opname op een regenachtige dag.
    Brandpuntsafstand: 115mm, f-stop: 11,0, sluitertijd: 1 seconde.

    Als je een bewolkte of grijze lucht in de compositie opneemt, krijgt die lucht vaak te veel nadruk en is er sprake van een tamelijk gewone foto. Je zou in dat geval alleen het landschap kunnen fotograferen zonder de lucht erbij. De herfstkleuren komen dan mooi op de foto uit.

    Vastleggen wat je ziet

    Voor het fotograferen van herfstkleuren zoals je ze ziet heb je niet alleen de juiste richting van het licht nodig, maar moet je ook de helderheid en kleur met behulp van de camera-instellingen aanpassen. De camera berekent de juiste helderheid en kleur weliswaar automatisch, maar de resultaten voldoen niet altijd aan het plaatje dat je voor ogen hebt of de gevoelens die je ervaart. Als je moeite hebt het gewenste resultaat vast te leggen, probeer dan de belichtingscompensatie en witbalansaan te passen. De opname die weergeeft wat je werkelijk ziet, heeft de juiste kleuren en helderheid.
    De noodzakelijke aanpassingen variëren op basis van de richting van het licht, de weersomstandigheden en het onderwerp. We gaan er hier verder op in aan de hand van enkele voorbeelden. Pas de instellingen tijdens het fotograferen steeds aan terwijl je de resultaten op het camerascherm bekijkt, tot je het gewenste plaatje hebt verkregen.

    Belichtingscompensatie gebruiken

    Belichtingscompensatie: 0

    Belichtingscompensatie: +2,0

    Als de achtergrond helder is als gevolg van tegenlicht, lijken de bladeren wellicht donker en zwaar. Pas in dat geval de belichtingscompensatie aan richting + en haal de levendige kleuren van de bladeren naar voren. Je kunt de achtergrond aanpassen zodat die iets overbelicht lijkt.

    Witbalansgebruiken

    Automatische WB

    Bewolkte WB

    Witbalans kun je doeltreffend gebruiken als je levendigheid wilt benadrukken. Als je op een bewolkte dag of in de schaduw aan het fotograferen bent, kun je de witbalans op [Bewolkt] instellen. Het rood in de opname wordt daardoor versterkt en de rode en gele kleuren van de herfstbladeren zien er dan levendiger uit. De witbalans afstemmen is ook effectief om de kleuren tot in de details aan te passen.
    Wanneer je landschappen fotografeert of spontane foto's maakt, kun je in verleiding komen om de verzadiging met Creative Style te verhogen voor nog levendigere foto's, maar omdat de oorspronkelijke verzadiging van de herfstbladeren al hoog is, kan dit uiteindelijk de kleur verzadigen waardoor de foto diepte verliest. Dit is dus niet aan te bevelen.

    De verzadiging vergroten kan het rood verzadigen en de opname een vlakke uitstraling geven.

    Probeer, in plaats van de verzadiging te verhogen, de belichtingscompensatie en witbalans aan te passen.
    Kleur is natuurlijk een persoonlijke voorkeur en er is geen goede of foute keuze. In de afbeelding hieronder zie je dat je met witbalans blauw aan een opname van een bewolkte dag kunt toevoegen om een gevoel van kou en rust over te brengen.

    Daglicht WB op een bewolkte dag

    Fotograferen met verschillende composities

    Als je kleur en levendigheid eenmaal onder de knie hebt, kun je van compositie veranderen om verschillende aspecten van de herfstkleuren te laten zien.

    Verschillende lenzen voor verschillende resultaten

    Zoals je hieronder ziet, fotografeer je heel anders met een instelling voor groothoek dan met een instelling voor telefoto, ook bij hetzelfde landschap. Met groothoek maak je inspirerende opnamen en telefoto brengt je dichter bij het onderwerp en zorgt voor vervaging. Als je verschillende lenzen gebruikt om opnamen vanuit diverse hoeken te optimaliseren, kun je meer eigenschappen van de herfstkleuren naar boven halen.

    Groothoekopname, Brandpuntsafstand: 18mm, f-stop: 8.0.

    Telefoto hoekopname, Brandpuntsafstand: 90mm, f-stop: 8.0.

    Fotograferen met groothoek

    Bij groothoekopnamen (korte brandpuntsafstand) kun je een breed landschap in de foto passen. Je kunt echter ook dynamische foto's maken met nog meer accent op perspectief en hoogte. Er is ook niet veel ruis, zodat objecten in het hele brede gebied scherp kunnen blijven. Stel het diafragma in op f8.0 tot f11 om het hele landschap in beeld te krijgen.

    Brandpuntsafstand: 11 mm, f-stop: 8,0, sluitertijd: 1/25 seconden

    Deze opname is gemaakt met een omhoog gerichte groothoeklens. De hoogte van de bomen die vanaf links omhoog rijzen, komt in deze inspirerende foto goed tot uiting.

    Brandpuntsafstand: 11mm, f-stop: 10,0, sluitertijd: 1/60 seconden

    Hier zitten we dicht op de levendige herfstkleuren. Het contrast van de bladeren tegen de brede uitgestrektheid van de achtergrond zorgt voor een dynamische foto. Zo brengen de eigenschappen van de groothoek het onderwerp goed in beeld met contrast tussen voorgrond en achtergrond. Met een diafragma van f10 wordt de achtergrond zonder al te veel ruis toch goed weergegeven.

    Fotograferen met telefoto

    Met een telelens (lange brandpuntsafstand bij gebruik van een zoomlens) kun je zorgen dat de achtergrond van het onderwerp heel onscherp wordten elementen waar het om gaat laten afsteken tegen het verre berglandschap. Een telelens is ook goed voor het creëren van een gecomprimeerd effect dat alles in één opname vat zonder het perspectief van de bergen op de achtergrond en het landschap op de voorgrond te verliezen.

    Brandpuntsafstand: 200mm, f-stop: 3,2, sluitertijd: 1/80 seconden

    Hier is een telelens gebruikt om de herfstkleuren te fotograferen. De voorgrond en achtergrond zijn prachtig onscherp. Hoe meer close-up de telefoto-instelling, hoe kleiner het scherpstelbereik en hoe onscherper de achtergrond. De herfstkleuren komen daardoor goed in beeld. Als je de foto onscherper wilt maken, maak dan opnamen met de diafragma zo ver mogelijk open.
    Let bij het maken van dit type opname op de kleur van de achtergrond. De foto hierboven is genomen met een hoek zodat er gele bladeren op de achtergrond zijn en de hele opname een levendige indruk weergeeft.

    Brandpuntsafstand: 160mm, f-stop: 8,0, sluitertijd: 1/60 seconden

    Wanneer je een prachtig landschap tegenkomt, heb je vaak de neiging om alles wat je kunt zien op de foto vast te leggen. Heb je ooit een foto gemaakt maar kon je het gevoel helemaal niet vastleggen? Dat komt omdat je onnodige en onverwachte elementen in de foto opneemt die voor afleiding zorgen. Richt de camera niet simpelweg doelloos op een breed gebied, maar probeer de essentie van het landschap te vinden en met een telefoto-instelling tot uitdrukking te brengen. In de foto hierboven staat het gebied met de mooiste herfstkleuren volop centraal.

    Brandpuntsafstand: 150mm, f-stop: 11,0, sluitertijd: 1/4 seconden

    Telefoto-opnamen zijn ook geschikt om foto's te maken met een gecomprimeerde diepte in het landschap. Hoewel de gele bomen op de voorgrond, de coniferen daarachter en de bergen op de achtergrond kilometers ver uit elkaar liggen, zijn ze dicht op elkaar gecomprimeerd tot een indrukwekkend plaatje.

    Wees creatief met verschillende gezichtspunten en ideeën

    Fotograferen van herfstkleuren is meer dan alleen het vastleggen van bomen en bladeren als onderwerp. Als je bergbeken, meren en andere omliggende elementen meeneemt, zien de herfstkleuren er vaak nog mooier uit. Ook gevallen bladeren op zich kunnen de sfeer van een herfstlandschap overbrengen. Maak verschillende composities van verschillende onderwerpen vanuit een breed perspectief en geniet van de vrijheid die het fotograferen van herfstkleuren biedt.

    (1) Brandpuntsafstand: 50 mm, f-stop: 2,8, sluitertijd: 1/8 seconden

    (2) Brandpuntsafstand: 70 mm, f-stop: 7,1, sluitertijd: 1/160 seconden

    (1) Een foto van gevallen bladeren drijvend op een poel dicht bij je voeten duidt op het einde van de herfst. Herfstkleuren is meer dan alleen bomen die in karmozijnrood baden. Zelfs na het toppunt van de herfstkleuren is de herfst overal zichtbaar.
    (2) Ook waterdruppels op gevallen bladeren roepen een herfstgevoel op.

    Brandpuntsafstand: 35 mm, f-stop: 10,0, sluitertijd: 1/15 seconden

    Meren, vijvers en rivieren spelen vaak een ondersteunende rol voor de herfstkleuren en bomen, maar spelen soms zelf de hoofdrol. Besteed ook aandacht aan hoe kleurrijke bomen worden weerspiegeld op het oppervlak van waterpartijen.

    Groothoeklenzen proberen

    F-getal: 8 / sluitertijd: 1/100 sec.

    SEL1635Z

    Deze full-frame ZEISS Vario-Tessar-zoomlens van 16–35 mm met E-bevestiging biedt uitstekende prestaties, maar is toch compact en lichtgewicht. Dankzij het veelzijdige zoombereik en de ingebouwde optische beeldstabilisatie is deze lens een geweldige keus voor portretten, scènes binnenshuis, groepsfoto's, landschappen en nog veel meer — zeker in combinatie met een full-frame α7-model. De juiste belichting en scherptediepte vinden is kinderspel met het constante diafragma van maximaal F4.