Filminstellingen voor Alpha 7s (ILCE-7S)
In deze handleiding vindt u een overzicht van de belangrijkste functies en instellingen en tips voor een optimaal gebruik van de ILCE-7S bij het opnemen van videobeelden.
Inhoudsopgave
Video
- Wat zijn de beschikbare opnameformaten, en waarin verschillen ze van elkaar?
- Wat is Auto Slow Shutter (Automatische lange sluitertijd)?
- Schakelen tussen PAL en NTSC
- Opnemen in 4K en het menu-item HDMI Info gebruiken. Display
- Wat is Dual Video Recording (tweevoudige video-opname)?
- Instellingen voor beeldprofiel
Audio
Wat zijn de beschikbare opnameformaten en waarin verschillen ze van elkaar?
De bestandsindelingen die u kunt kiezen zijn XAVC S, AVCHD en MP4.
Met XAVC S kunt u films opnemen in high definition met relatief kleine bestandsgrootten. XAVC S legt ook meer details en levendiger kleuren vast in vergelijking met AVCHD en reduceert de hoeveelheid ruis in donkere delen.
AVCHD is de standaardinstelling van uw camera. Deze indeling biedt de perfecte balans tussen kwaliteit en compressie. Geschikt voor het maken van Blu-ray Discs en het bekijken ervan op een high definition-tv.
MP4 zorgt voor de hoogste bestandscompressie, waardoor de bestanden kleiner zijn in vergelijking met de twee andere indelingen. Dit betekent dat in bepaalde delen details kunnen verloren gaan, maar ook dat dit de meest geschikte indeling is voor het delen van video's via het internet of e-mailbijlagen.
|
Opnameformaat |
Grootte |
Framesnelheid |
Wrapperindeling |
Filmcompressie |
Audiocompressie |
Bitsnelheid van kleurenindeling en kwantisering |
Maximale bitsnelheid |
|
XAVC S |
1920 x 1080 |
30p / 50p / 30p / 25p / 24p |
MP4 |
MPEG-4 |
Linear PCM |
4:2:0 / 8-bit |
50 Mbps |
|
1280 x 720 |
120p |
50 Mbps |
|||||
|
AVCHD |
1920 x 1080 |
60p / 50p |
M2TS |
MPEG-4 |
Dolby Digital |
4:2:0 / 8-bit |
28 Mbps |
|
60i / 50i |
24 Mbps |
||||||
|
24p |
24 Mbps |
||||||
|
MP4 |
1440 x 1080 |
30p |
MP4 |
MPEG-4 |
AAC |
4:2:0 / 8-bit |
12 Mbps |
|
VGA 3M |
30p |
3 Mbps |
U kunt de bestandsindeling op elk moment wijzigen door naar het menu te gaan:
Selecteer
Camera Settings (Camera-instellingen) → pagina 1 →
File Format (Bestandsindeling) → Selecteer de gewenste instelling.
| |
|
Wat is Auto Slow Shutter (Automatische lange sluitertijd)?
Wanneer u films opneemt in een slecht verlichte omgeving, verlaagt de functie Auto Slow Shutter (Automatische lange sluitertijd) automatisch de sluitertijd voor een efficiënte reductie van ruis en camerabewegingen, wat resulteert in een vloeiender bewegend beeld. Voor het gebruik van de functie Auto Slow Shutter (Automatische lange sluitertijd) met lenzen met een langere brandpuntsafstand kan een statief vereist zijn.
OPMERKING: Auto Slow Shutter (Automatische lange sluitertijd) werkt niet in de volgende situaties:
- Wanneer Movie (Film) in de opnamestand is ingesteld op Shutter Priority (Sluiterprioriteit) of Manual Exposure (Handmatige belichting)
- Wanneer ISO is ingesteld op iets anders dan ISO AUTO
De langste beschikbare sluitertijd wanneer de functie Auto Slow Shutter (Automatische lange sluitertijd) is uitgeschakeld is 1/4s.
U kunt de instelling op elk moment activeren door naar het menu te gaan:
Selecteer
Camera Settings (Camera-instellingen) → pagina 7 →
Auto Slow Shut (Automatische lange sluitertijd). → Selecteer de gewenste instelling.
Europese modellen maken standaard gebruik van de indeling PAL, maar het is mogelijk om de indeling te wijzigen naar NTSC. Als u dit doet, kunt u films opnemen in high definition met een hoge framesnelheid. Door bijvoorbeeld een opname te maken in de resolutie 1920 x 1080 bij 60p, verkrijgt u het maximale mogelijke aantal frames wanneer u vertraagde beeldweergaven maakt in postproductie.
OPMERKINGEN:
- Het is niet mogelijk om PAL- en NTSC-bestanden in dezelfde mappenhiërarchie onder te brengen. Als u een geheugenkaart inbrengt die eerder werd geformatteerd met het PAL-systeem, krijgt u het bericht dat de geheugenkaart opnieuw moet geformatteerd worden.
- Wanneer de modus NTSC mode is geselecteerd, verschijnt het bericht “Running on NTSC” (NTSC wordt gebruikt) op het startscherm telkens wanneer u het product inschakelt.
U kunt schakelen tussen PAL en NTSC door naar het menu te gaan:
Selecteer
Setup (Instellen) → pagina 2 → PAL/NTSC Selector → Selecteer de gewenste instelling.
Opnemen in 4K en het menu-item HDMI Info gebruiken. Display
Wanneer de ILCE 7s is aangesloten op een externe recorder (afzonderlijk verkrijgbaar), kunnen opnamen in 4K worden gemaakt. Stel de modusdraaiknop in op Movie Mode (Filmmodus), en sluit het externe opname-apparaat aan door middel van een HDMI-kabel.
Selecteer in het menu
Setup (Instellen) → pagina 3 →
HDMI 4K Output → Selecteer de gewenste instelling.
U kunt kiezen uit een aantal verschillende opties:
- OFF (UIT): De opgenomen video wordt niet uitgevoerd in 4K-kwaliteit
- 24p: 4K-video wordt uitgevoerd in 24p-indeling
- 30p/25p: 4K-video wordt uitgevoerd in 30p/25p-indeling
OPMERKING: Wanneer een extern opname-apparaat wordt aangesloten, kunt u geen opnamen maken op de geheugenkaart van de camera.
Om een zuiver videosignaal te verkrijgen zonder dat de opnamegegevens worden weergegeven, stelt u de HDMI Info in. Display naar OFF (UIT).
Selecteer
Setup (Instellen) → pagina 3 → HDMI Info. Display → Selecteer de gewenste instelling.
Wat is Dual Video Recording (tweevoudige video-opname)?
Met deze functie kunt u simultaan een XAVC S-film en een MP4-film, of een AVCHD-film en een MP4-film, opnemen. Als u bijvoorbeeld ter plekke snel beelden wilt uploaden maar tegelijk de beste opnamekwaliteit voor later gebruik wilt bewaren.
Selecteer om deze functie te activeren
Camera Settings (Camera-instellingen) → pagina 2 → Dual Video REC → Selecteer de gewenste instelling.
Instellingen voor beeldprofiel
In de instellingen van Picture Profile (PP) (Beeldprofiel) worden de kleuren en de levendigheid van het beeld aangepast tijdens de opname. U kunt deze aanpassingen ook aanbrengen door middel van niet-lineaire bewerkingssoftware nadat u de opname hebt gemaakt. Het menu Picture Profile (Beeldprofiel) bevat een groot aantal aanpasbare instellingen, waaronder de gammacurve, kleur en detail. Tot 7 instellingencombinaties kunnen worden opgeslagen in het interne geheugen als PP1 tot PP7.
Een van de interessantste beeldprofielen is de instelling S-Log2, omdat hierdoor het uitzicht van de opgenomen film in de postproductie in hogere mate kan worden bepaald dan in de andere profielen. Voor een uitgesproken contrast in videohoogtepunten is de sensoruitvoer uitgebreid tot 1300% van het dynamische bereik. De andere beeldprofielen zijn vergelijkbaar met de Creative Styles (beeldstijlen) voor foto's. S-Log2 kan worden vergeleken met de RAW-indeling voor foto's.
Meer informatie over de verschillende beeldprofielen vindt u hier.
Selecteer
Camera Settings (Camera-instellingen) → pagina 5 → Picture Profile (Beeldprofiel) → Selecteer de gewenste instelling.
Audio Recording (Geluidsopname)
Met dit menu-item kunt u instellen of u geluid wilt opnemen wanneer u films maakt, bijvoorbeeld geluid van de lens.
Selecteer om deze functie te activeren of te deactiveren
Camera Settings (Camera-instellingen) → pagina 7 → Audio Recording (Geluidsopname) → Selecteer de gewenste instelling.
Audio Rec Level (Niveau geluidsopname)
Het Audio Rec Level (Niveau geluidsopname) kan automatisch worden gecontroleerd door de camera of handmatig worden ingesteld door de gebruiker. De niveaus gaan van -60 tot 0 dB en kunnen handmatig trapsgewijs worden ingesteld in 32 fijne gradaties.
De niveaus worden weergegeven met twee kanalen in decibel. Uiterst links stemt overeen met -60 dB, uiterst rechts met 0 dB.
Selecteer
Camera Settings (Camera-instellingen) → pagina 7 → Audio Rec Level (Niveau geluidsopname).